Verhalen bij De kring van tijd  

Er is alleen maar NU (#11

De kring van tijd 

Tijd is cyclisch en tijd is progressief. De seizoenen, de stand van de zon, de dag en nacht bepalen voor een groot deel de beleving en daarmee de ordening van de tijd. Ook in religie speelt de ordening van tijd een rol. Deze kan cyclisch zijn of lineair. In een lineaire tijdsbeleving kent de wereld zelf een begin en een eind, is er een geschiedenis en een toekomst.

Dit aspect van tijd zit sterk in het Jodendom, het Christendom en de Islam. Maar tussen begin en eind wordt de tijd vooral cyclisch beleefd, met de kalender, de seizoenen, de tijd van zaaien en oogsten en de feesten. In het Boeddhisme en Hindoeïsme heeft men een cyclische opvatting van tijd: Dit wordt bijvoorbeeld duidelijk in de kring van wedergeboorte: alles komt steeds weer terug op aarde. In het Boeddhisme is het NU eigenlijk de enige tijd die bestaat. Hierover gaat het verhaal Er is alleen maar NU (#11). 

De tijdsbeleving in het Jodendom wordt sterk bepaald door een weekritme. De Sabbat bepaalt de ordening. Na zes dagen werken is de zevende er een van rust. Je bent vrij van werk en van de dagelijkse verplichtingen. De Sabbat is ‘heilige’ tijd. Dat is anders dan gewone tijd, de tijd voor God. Vrije tijd is dan ook een geschenk zodat we o.a. rust nemen van ons werk. Hoe kun je dat beleven? In de map extra inspiratie vind je de verhalen en informatie over de Sabbat.  

Vragen bij het thema De kring van tijd  

  • Hoe helpen terugkerende feesten en rituelen ons om ritme en grip op het leven te krijgen?
  • Helpt ritme in de tijd om bv. iets lot te laten of opnieuw te beginnen? Bv. goede voornemens bij nieuwjaar, een grote schoonmaak in de lente, stilstaan bij het licht in de winter of bij de oogst in de zomer.
  • Op welke manier bepalen rituelen (vaste terugkerende handelingen) het tijdsbesef van leerlingen? Hebben ze bijvoorbeeld dagelijkse rituelen? Wekelijkse, maandelijkse? Of herkennen ze bepaalde feesten waar thuis bepaalde rituelen bij horen?
  • Zijn er wel eens momenten waarop je zou willen of wensen dat de tijd stil staat? Wat voor soort momenten waren dat? Wat gebeurde er toen?
  • Lukt het om de tijd stil te zetten of vast te houden? Waarom wel of niet?
  • En zijn er momenten waarop je de tijd juist sneller zou willen laten gaan? Wat voor momenten zijn dat?
  • Wat voor soorten tijd kennen de leerlingen? Is de tijd in het weekend en/of op zondag (of vrijdag, als je bijvoorbeeld moslim bent) ook een ander soort tijd? Hoe komt dat? Waar herken je dat aan? Wat doe je dan (niet)?

 

Downloads bij het Tijd